Die mooie ogen//durf ik niet zeggen//zo lief//durf ik haar niet vertellen. Schone mensen, zegt ze. Nu de kattinnen//een week krols miauwen//krijg ik snoep bij de koffie//en een knuffel voor onderweg. Onderweg...waar tijd en de herinnering aan haar//mij klauwen//in een landschap//dat verdwijnt//als de avond valt.
Begin
Home
|