f46

f46

 

Bij een bussel takken schat ik de tijd. Over de brug snellen ze mij voorbij. Vlierbessen zijn nu rijp en netels groeien overal. In deze nietsnutterij beginnen bomen herfstbladeren te tranen. De winter komt zo vlakbij. Ik moet nog handschoenen kopen. De beer zoekt een geschikte plaats voor een winterslaap. Hou je van mij, vraag ik aan mezelf. Er stapt een mens voorbij.

Ondertussen ben ik in een spinnenrag verzeild geraakt. Ze is met haar maaltijd bezig. Bloedzuipen na de ramadan...haar suikerfeest. Ik ga nu verder tot aan de horizon.

 

 

 

 

 

 

 


vorige

terug

verder

 

 

 

Rag